Al enkele maanden houden wij u op de hoogte van de ontwikkelingen rondom Aida uit Bulamu Village. In september 2011 is er bij haar Rheumatic Heart Disease geconstateerd waarbij haar hart ernstig is aangetast door een bacterie. Een operatie aan haar hart, waarbij mogelijk meerdere hartkleppen moeten worden vervangen, is nodig om haar leven te redden.
Na een terugval van enkele weken gaat het weer goed met Aida. Ze is inmiddels naast de antibiotica gestart met bloedverdunners waardoor ze zich beter voelt, maar wat wel aangeeft dat haar gezondheid langzaam achteruit gaat. Het blijft echter wonderlijk dat ze zo sterk is en dat ze tegen alle verwachtingen in nog zo levendig is! Ze is vrolijk en brengt meer tijd door met vriendinnetjes. Wat ook helpt is dat het vakantietijd is. Aida gaat vanwege haar zwakke gezondheid al enkele maanden niet meer naar school en kan ook niet buiten spelen zoals de andere kinderen. De minste inspanning is haar teveel en hierdoor voelde ze zich soms eenzaam. Nu de kinderen van Bulamu vakantie hebben is er meer gezelligheid en afleiding voor haar. Dit doet haar goed.
In de laatste berichtgeving vertelden wij u al over de mogelijkheid tot adoptie. Na het inwinnen van informatie bij diverse hartspecialisten in Nederland, Amerika en Kampala kwamen wij tot de conclusie dat de zoektocht naar een plaats om de operatie uit te voeren niet voldoende was. Om Aida de mogelijkheid te geven op een mooi leven moet zij ook na de operatie omringd worden met veel aandacht en speciale medische zorg. Bulamu Children’s Village is een prachtig kinderdorp, maar niet de juiste plaats voor een meisje die intensieve aandacht en medische zorg nodig heeft. Het bericht dat er een gezin in Amerika was dat haar wil adopteren en wil omringen met liefde, aandacht en medische zorg was dan ook een antwoord op onze gebeden. Ook Aida is positief over dit plan en kijkt uit naar een eerste kennismaking met het gezin. Het is uiteraard een intensieve en emotionele periode voor haar en wij proberen haar zo goed mogelijk voor te bereiden op deze grote stap. Indien alles voorspoedig verloopt dan zal Aida in Amerika geopereerd worden en kan zij binnen een gezin herstellen en revalideren. Een operatie in Israel met de stichting Save A Childs Heart (SACH) is dan niet meer nodig.
Op dit moment is het nog onzeker welke kosten het hele proces met zich mee zal gaan brengen. Het sponsorgeld voor Aida hebben wij gereserveerd en wordt op dit moment gebruikt om haar medicijnen en medische controles van te betalen. Indien wij sponsorgelden overhouden, dan zullen wij u hier zo snel mogelijk van op de hoogte brengen en u de keuze geven om het geld terug te ontvangen of een andere bestemming te geven binnen Kaja.
Wederom bedankt voor uw medeleven!

Zoals de meesten van jullie weten, begeleiden we vanuit Kaja vier studenten in hun studie aan de universiteit van Entebbe. Kaja begeleidt hen met name op financieel vlak. De studenten, Geoffry, James, Joseph en Maurice, worden vanuit Nederland gesponsord en aan ons de taak om ervoor te zorgen dat het geld op de juiste manier wordt besteed. Inmiddels zijn we bijna een half jaar met de studenten aan de slag en kunnen we zeggen dat ze een zeer positieve ontwikkeling hebben doorgemaakt.
Twee van de vier studenten kwamen begin augustus rechtstreeks uit Bulamu en voor hen was dit de eerste stap naar zelfstandigheid. Ze waren erg nerveus, hetgeen logisch is gezien de grote nieuwe uitdaging die hen te wachten stond. De studenten hadden geen idee hoe bijvoorbeeld het proces van inschrijven werkt en stonden continue bij ons op de stoep met vragen als “Hey, what to do now?” zonder ook maar enig benul te hebben van de zaken die geregeld moesten worden.
Naast alle organisatorische moeilijkheden, kregen de studenten ook voor het eerst te maken met het beheer van “eigen geld”, hetgeen misschien nog wel het moeilijkst was van alles. Om de verleiding van het sponsorgeld niet al te groot te maken, hebben we binnen Kaja besloten om zelf naar Entebbe te gaan om de schoolfees en de huur van de studentenkamer te betalen. Dit zijn namelijk de grootste uitgaven. Daarnaast hebben we een potje gemaakt waaruit we de medische kosten en eventuele andere tegenvallers voor de studenten betalen. Het resterende geld is hun zakgeld dat wij hen iedere maand geven. Ondanks dat op deze manier al hun vaste lasten reeds betaald werden, hadden de studenten in het begin toch veel moeite om hun hoofd boven water te houden. Het zakgeld waar de studenten het een maand mee moesten uithouden, was in een mum van tijd uitgegeven, waarna de jongens begonnen te klagen dat ze meer nodig hadden. Door duidelijk te communiceren dat dit het maximaal mogelijke bedrag aan zakgeld was, hen inzicht te geven in het totale kostenplaatje van een jaar studeren (waarbij rekening moet worden gehouden met vooruitbetalingen en tegenvallers) en hen tips te geven om verantwoord met hun zakgeld om te gaan, is het de studenten al redelijk snel gelukt om georganiseerd met hun geld om te gaan.
Het is ontzettend leuk om te zien dat de studenten iedere maand weer een stapje vooruit in zelfstandigheid maken. Zo lukte het hen in de tweede maand om hun zakgeld dusdanig te verdelen dat ze ook in de laatste week gewoon eten konden kopen. Een maand later besloten de studenten om een gezamenlijk potje te maken waarmee ze gemeenschappelijke spullen konden aanschaffen, zoals eten, bedden en pannen. Iedere maand als we een bezoekje brengen is de inboedel wel weer een klein beetje uitgebreid. Prachtig om te zien!
Afgelopen maand hebben de studenten hun eerste examens gehad. De studenten hebben hier een positief gevoel aan overgehouden en denken de meeste examens met een voldoende te hebben afgelegd. Op dit moment is het nog even wachten op de resultaten, maar kan in ieder geval al gesteld worden dat, zelfs als deze tegenvallen, het een zeer positief half jaar is geweest waarin ze een duidelijke stap hebben gemaakt naar volwassenheid en zelfstandigheid.
We zijn trots op ze!
Vier jaar geleden vertrok Margriet Hutte in haar eentje naar Uganda om iets te kunnen betekenen voor weeskinderen, haar passie werkte aanstekelijk en het jaar erna ging Jet Buitenwerf met haar mee om verschillende projecten te bezoeken in Kampala, Uganda. Hier ontmoetten ze Chris en Jurjanne van Kajafoundation die Joseph Lubega ondersteunen om een kinderdorp te realiseren voor 500 weeskinderen genaamd Bulamu Village. Eind 2010 begin 2011 zijn ze samen teruggegaan met een team van 12 personen. De olievlek blijft zich uitbreiden want nu zijn er drie teams achter elkaar op reis naar Bulamu Village. 30 december 2011 kwam het eerste team aan om huis zeven en acht te gaan bouwen. Ook werd er zeker aandacht besteed aan de kinderen in de vorm van workshops, sport en spel en gewoon lekker met ze kunnen spelen. De kinderen zijn zo dankbaar en tonen dit door veel te omarmen en te knuffelen met ons. We krijgen veel mooie brieven dat we veel voor ze betekenen en dat ze van ons houden en dat ze het zo waarderen dat we dit voor ze doen.
Het maakt indruk op ons, veel indruk en doet je beseffen dat we veel hebben om van te genieten. Ook de rit van een uur door Kampala heen doet ons verbazen, de hobbelige wegen, de marktjes, de vele mensen, levende kippen in hokjes, busjes, taxibrommers met drie mensen erop, matrassen, bank, stoelen of wat dan ook, je kijkt je ogen uit. Het zit er voor ons bijna op om het stokje door te geven aan het tweede team wat vrijdag 12 januari 2012 zal arriveren. Het is een geweldige, onvergetelijke ervaring die vraagt om herhaling, dit MOET je ervaren, dit is zo fantastisch! We zijn blij met alle sponsors die dit project financieel steunen zodat de kinderen hoop voor een goede toekomst krijgen.
Team 2 en 3 willen we heel veel succes en een mooie tijd toewensen!
Van onze verslaggeefster Geeske Dijkstra
Koud aangekomen in een warm Kampala, brengen we een bezoek aan Bulamu. Het is erg fijn om Joseph en de kinderen weer te zien. Vanuit de verte ontdekten we de afwisseling van groene en rode daken, dus dat betekent dat er flink gewerkt is. Op onze tocht door het kinderdorp worden we vergezeld door een klein meisje dat Shamim dat op blote voetjes dwars door het struikgewas, met ons mee huppelt. In een van de familiehuizen (36 meisjes) treffen we huismoeder Juliet aan. Zij vertelt dat Shamim nog maar drie jaar is. Het is een erg ontwapenend kindje, dat steeds bij Robbert en mij op schoot wil zitten en kusjes geeft. Ze verovert razendsnel een plekje in ons hart en het gaat ons aan het hart dat zo’n klein meisje, tussen oudere kinderen, haar weg moet vinden in het dorp.
Aida woont ook in dit huis, zij ziet er witjes uit en stilletjes uit en ze maakt een wat eenzame indruk. Haar bloedwaarden zijn niet goed en er wordt gezocht naar een juiste dosering van bloedverdunners. Inmiddels zijn er gesprekken met een Amerikaanse familie met vijf kinderen die bereid is om haar te adopteren. Na haar operatie zal ze veel extra zorg nodig hebben en de verzorgers in het kinderdorp kunnen haar niet de zorg bieden die zij de komende jaren nodig zal hebben. Aida heeft zelf aangegeven dat zij wel naar Amerika wil emigreren om bij deze familie te gaan wonen.
De keuken in het dorp is inmiddels klaar en in gebruik, de nieuwe kookpotten pruttelen op het vuur en een groepje jongens is bezi om bergen uien te snijden. Voor het eerst zien we, in de afgesloten voorraadkasten, zakken met levensmiddelen zoals mais en soja staan. Er is een nieuwe varkensstal gerealiseerd en we ontwaren in het struikgewas een paar zeugen die samen met hun biggetjes lekker in de aarde lopen te wroeten. Verderop is een vijftal meisjes vakkundig bezig met het plukken van een kip voor de soep. De groetetuin ziet er goed onderhouden uit. Er wordt mais en cassave verbouwd en tussen de bananenbomen staan de aardappelenplanten in bloei.
In onze eerste week in Kampala maken we ook kennis met de saamhorigheid van de Nederlandse/internationale gemeenschap hier. Om 13.00 uur wordt Jurjanne gebeld door een kennisje uit de Surgery (kliniek) dat vertelt dat een Nederlandse vrouw zeer ernstig gewond is bij een ongeluk en heel dringend bloed nodig heeft.
In no time gaan allerlei sms-jes en telefoontjes over en weer en vrij snel erna komt het bericht dat er voldoende donors (waar onder de Deense ambassadeur en een Nederlandse diplomaat), met de juiste bloedgroep beschikbaar zijn. Op nu.nl lezen we dat deze donoren het leven van dit meisje hebben gered. Opvallend is overigens dat heel veel mensen nu tot de ontdekking komen dat zij niet weten wat hun bloedgroep is en hier bij een volgend bezoek aan de dokter zeker alert op zullen zijn. Geen gekke gedachte als je verkeersdeelnemer bent in Afrika.
In deze week maken we ook kennis met het nieuwste initiatief van Kaja, nl. Babyhome Nafasi. Het huis ligt in een rustige wijk en is omgeven door een grote tuin. Nafasi biedt ruimte aan 20 kinderen in de leeftijd van 0 tot 5 jaar. Sinds de opening, een paar weken geleden, zijn er 4 kinderen door de kinderbescherming geplaatst. 2 baby’s, waarvan de jongste twee maanden is en een jongetje en meisje van 3 jaar. Het is aangrijpend om te horen hoeveel er al is misgegaan in deze prille kinderleventjes. Dit is de twee oudste kindertjes overigens ook duidelijk aan te zien. Als we, onder de kerstboom, gezellig met de kleintjes op schoot zitten, kruipen ze direct lekker tegen ons aan en vallen spontaan in slaap. We zijn diep onder de indruk van wat Corin en Jurjanne en Chris hier in vrij korte tijd tot stand hebben weten te brengen.
Deze week word ik voor het eerst van mijn leven geïnterviewd. De locatie is erg ongebruikelijk nl. een poel op het strand van de Indische Oceaan, waar ik gezellig met kleine Chris lig te dobberen. De interviewer is Zvone Seruga, hij is onze buurman op de camping, waar we de kerstdagen doorbrengen. Een paar dagen geleden kwam hij in het donker op een knots van een motor aan rijden en viel er ongeveer vanaf toen hij de samenstelling van het gezelschap in de tenten naast hem ontdekte. 6 kleine zwarte kinderen, 14 blanken (waaronder 1 Amerikaan) en 2 zwarte mannen. Hij heeft dagen zitten te puzzelen wie bij wie hoorde. Zvone blijkt journalist te zijn en schrijver van reisboeken door Afrika. Hij is al drie maanden op reis door Afrika. We komen samen tot de conclusie dat er in dit paradijselijke deel van de wereld alleen maar wat kan veranderen als de leiders en hun ondergeschikten besluiten om niet langer te graaien, de mannen hun handen eens uit de mouwen steken en monogaam gaan leven en de vrouwen hun lot niet langer leidzaam ondergaan. Na een tijdje komt hij teruglopen om te informeren hoe het is om ‘grandmother’ te zijn van twee zwarte kleinkinden. Mijn antwoord: een geschenk uit de hemel! ‘s avonds rijdt hij, wederom in donker, de camping af om zijn motor in Mombasa in te schepen en de kerstdagen met vrouw en kinderen in Slovenië door te brengen.







